Wat?
Het jongerenproject heeft een dubbel doel: enerzijds geeft het jongeren de kans om in een textielonderneming een beroep aan te leren; anderzijds is het een instroomkanaal voor ondernemingen om jonge kandidaat-werknemers aan te trekken en op een voordelige manier op te leiden binnen de eigen onderneming.
De opleiding gebeurt door uw eigen en ervaren medewerkers, zodat ze volledig aansluit op de specifieke situatie van uw onderneming.
Voor het aanleren van een specifiek textielberoep kan u voor het afsluiten van een leerovereenkomst nog enkel terecht in het CDBO KA Oudenaarde. Omwille van het stelselmatig wegvallen de jongste jaren van Centra Deeltijds Onderwijs die een opleiding 'Textiel' aanbieden, is beslist om het Jongerenproject, onder dezelfde voorwaarden, uit te breiden naar de functie 'Goederenbehandelaar'. Hiervoor kan u terecht in diverse CDO's.
De duur van de opleiding is afhankelijk van de leeftijd van de leerling en bedraagt minimum 6 maanden.
Voor de onthaalonderneming is er geen verplichting tot aanwerving na de opleiding, maar er wordt aanbevolen om de jongeren die slagen in de opleiding (voor zover de economische toestand dit toelaat en er een vacature is voor een bepaalde kwalificatie) aan te werven.
De syndicale delegatie van de onderneming houdt toezicht op de uitvoering van de leerovereenkomst en het opleidingsprogramma.
Financieel voordeel voor de onderneming?
Een deel van de leervergoeding die de jongere van de werkgever maandelijks ontvangt (zie hieronder) wordt gerecupereerd via het Waarborg- en Sociaal Fonds. Deze vergoeding bedraagt 1250€ per kwartaal, per leerling.
Wanneer de onderneming met het Centrum Deeltijds Onderwijs en het departement onderwijs een overeenkomst alternerend leren afsluit, kan de onderneming daarbovenop nog een subsidie krijgen (‘ESF-subsidie’):
- 1215€ voor de 1ste leerling
- 1065€ voor de 2de leerling
- 895€ voor de 3de leerling
- 720€ voor de 4de leerling
- 570€ voor de 5de leerling
Indien de alternerende opleiding minimum 4 maanden bedraagt, kan de onderneming tevens een startbonus verkrijgen van 500€ vanwege de RVA.
De werkgever geniet tevens een gedeeltelijke vrijstelling van RSZ-bijdragen.
Financieel voordeel voor de jongere?
De leerling ontvangt een vaste maandelijkse leervergoeding (gedeeltelijk te recupereren door de werkgever, zie hierboven). Deze wordt vastgesteld door het Paritair Leercomité en varieert naargelang het gemiddeld aantal uren dat de leerling in de onderneming is en het aantal jaren dat de leerling in opleiding is.
- 24u/wk in de onderneming: 1ste jaars: 765.80€; 2de jaars: 863.70€
- 23u/wk in de onderneming: 1ste jaars: 733.89€; 2de jaars: 827.71€
- 22u/wk in de onderneming: 1ste jaars: 701.98€; 2de jaars: 791.72€
- 21u/wk in de onderneming: 1ste jaars: 670.07€; 2de jaars: 755.73€
Indien de leerling slaagt in de opleiding verkrijgt hij via de RVA een stagebonus van 500€ per schooljaar in het deeltijds onderwijs.
Op de leervergoeding worden geen RSZ-werknemersbijdragen afgehouden.
In geval van tijdelijke werkloosheid wordt aan de jongere een forfaitaire dagvergoeding uitbetaald.
Bij de collectieve sluiting ingevolge jaarlijkse vakantie, nemen de jongeren eerst de vakantiedagen waarop ze recht hebben. Voor de overige dagen kunnen de jongeren een uitkering bekomen van de RVA.
De leerling wordt gelijkgesteld met een deeltijds werknemer uit de textielsector. Hij moet ingeschreven worden in het personeelsregister van de onderneming, aangesloten worden bij de verzekering ‘arbeidsongevallen’ en bij de verzekering ‘ongeval op de weg van/naar het werk’ van de onderneming.
De jongere ontvangt ook een verplaatsingsvergoeding conform de arbeiders en heeft bij afwezigheid door ziekte of arbeidsongeschiktheid recht op gewaarborgd loon conform de bepalingen van de arbeiders. De jongere valt onder de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering zowel voor de sector geneeskundige verzorging als voor de sector uitkeringen.
De jongere kan ook in aanmerking komen voor sociale vergoedingen bij Vacantex en het Waarborgfonds conform de arbeiders.
Na deze maatregel kan gebruik gemaakt worden van de subsidiemaatregel voor ‘instapopleiding’.
Voor wie?
Bedrijven:
Alle bedrijven die onder het PC 120 vallen voor de Textiel- en Breigoednijverheid en minstens 20 werknemers in dienst hebben.
Om leerovereenkomsten te kunnen afsluiten, moet de werkgever door het Paritair Leercomité (opgericht door het paritair comité) erkend worden. Hiervoor moet de werkgever aan de volgende voorwaarden voldoen:
- minimum 25 jaar oud zijn en minstens 3 jaar praktijkervaring hebben in het beroep waarvoor de opleiding gegeven wordt
- van onberispelijk gedrag zijn
- in België verblijven of een onderneming vertegenwoordigen waarvan de maatschappelijke zetel in België gevestigd is
- ingeschreven zijn bij de RSZ of een onderneming vertegenwoordigen die ingeschreven is bij de RSZ
- de wettelijke, reglementaire en conventionele bepalingen inzake belastingen en sociale zekerheid naleven of een onderneming vertegenwoordigen die deze bepalingen naleeft
- zich ertoe verbinden om het individueel opleidingsprogramma dat voor iedere leerling opgemaakt wordt, te volgen.
Indien de werkgever niet over de vereiste praktijkervaring beschikt, kan een ‘opleidingsverantwoordelijke’ aangeduid worden. Deze moet ook voldoen aan de eerste drie voormelde voorwaarden en moet zich er tevens toe verbinden om het individueel opleidingsprogramma dat opgemaakt werd, te volgen. Indien noch de werkgever, noch de opleidingsverantwoordelijke over de vereiste praktijkervaring beschikken, moet één of meerdere instructeurs aangesteld worden.
Jongeren:
Het project richt zich op 16- tot 20-jarigen. Er worden geen vereisten gesteld naar vooropleiding of voorkennis, maar iedere werkgever is vrij om specifieke selectiecriteria te hanteren.
De jongere moet zich inschrijven in een Centrum voor Deeltijds Onderwijs:
- CDBO KA Oudenaarde voor een specfiieke textielopleiding
- Diverse CDO's waar een richting 'Goederenbehandelaar' is voorzien.
Meer informatie?
Contacteer Martine Hellebaut - martine.hellebaut@cobot.be (of 09 222 26 14). |